Seksuele intimidatie

Seksuele intimidatie

Hoe gaat vv CTO ’70 om met seksuele intimidatie en misbruik in de sport.
Voor iedereen die in de sport actief is, geldt dat voor seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport geen plaats is en dat iedereen een verantwoordelijkheid heeft dit gedrag tegen te gaan en - als het toch voorkomt - hiervan melding te doen. Dit uitgangspunt van NOC*NSF en KNVB onderschrijft CTO ’70 volledig. Wij hopen hiermee een krachtig signaal te geven, dat seksuele intimidatie en misbruik niet worden getolereerd en dat ertegen zal worden opgetreden. Dan weet iedereen – ook de potentiele pleger – waar men aan toe is.

Dit leidt tot de volgende stappen:
1. Leden/ ouders van jeugdleden die kennis krijgen van een geval van seksuele intimidatie of misbruik, melden dit bij het bestuur e/o de vertrouwenspersoon van de vereniging. Als het om zaken gaat die niet in het tucht- of strafrecht verboden zijn, handelt het bestuur dit af.
2. Als het bestuur van een vereniging kennisneemt van gepleegde tucht- of strafrechtelijke vergrijpen, is het verplicht dit te melden bij het bondsbestuur en – na overleg – om tegen de vermoedelijke pleger handelend op te treden met een ordemaatregel of sanctie.
3. Als het bondsbestuur kennisneemt van gepleegde tuchtrechtelijke vergrijpen, stelt het een onderzoekscommissie in. Als die vaststelt dat het vergrijp inderdaad heeft plaatsgevonden maakt het bestuur de zaak aanhangig bij de tuchtrechter. Als het bondsbestuur kennisneemt van gepleegde strafrechtelijke vergrijpen, meldt het die bij de politie en volgt het bovendien de procedure die hierboven voor tuchtrechtelijke vergrijpen is beschreven.
4. Er wordt door vv CTO ‘70 een – vertrouwelijke – registratie van incidenten bijhouden, waarbij wordt vermeld hoe op een incident is gereageerd met een vermaning, een ordemaatregel of een sanctie. Indien zich later met betrekking tot dezelfde persoon weer problemen voordoen, is het belangrijk deze registratie te kunnen raadplegen.
5. Indien een lid van de vereniging geschorst of geroyeerd wordt of een tuchtrechtelijke straf krijgt opgelegd, moet dit (ook) in de ledenadministratie van de bond worden opgenomen.

Om een veiliger sportklimaat kunnen verenigingen het volgende doen cq bevorderen:
1. Een open cultuur bevorderen in de vereniging waarin gedrag bespreekbaar is.
2. Onderzoek of – analoog aan het onderwijs – een keurmerk ‘Veilige Sportvereniging’ kan worden ontwikkeld. Zo nodig investeren in de uitbreiding en opleiding van vertrouwenspersonen.
3. Zorgen dat het belang van preventie bij iedere bestuurder in de vereniging en bij allen die daarin actief zijn het ‘in de genen’ komt te zitten.
4. Er alvorens een persoon actief wordt binnen de vereniging, eerst een kennismakingsgesprek en zo nodig het inwinnen van referenties bij organisaties waar betrokkene eerder actief is geweest, het inleveren van een Verklaring Omtrent Gedrag en het bevragen van het registersysteem veroordeelden seksuele intimidatie van NOC*NSF wordt gehanteerd.
5. Zoek samenwerking met gemeenten – plaatselijk of in regionaal verband – om gezamenlijk te bespreken hoe de veiligheid in de sport kan worden verbeterd.
6. Besteedt vv CTO ’70 bij het ontwikkelen en inrichten van accommodaties aandacht aan de bescherming van de sporters.

Bovenstaande regels en adviezen zijn uit het rapport van de Onderzoekscommissie seksuele intimidatie en misbruik in de sport (12 december 2017), welke
vv CTO ’70 heeft overgenomen c.q. hanteert.
(augustus2018)
Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!